Rum Geschiedenis

De geschiedenis van Rum is de geschiedenis van suiker. Suiker is een zoete kristallijn koolhydraat dat van nature voorkomt in een verscheidenheid van planten. Eén daarvan is het suikerriet (Saccharum officinarum), een lange, dikke grassoort dat zijn oorsprong vindt in de eilanden van de huidige Indonesië.


Chinese handelaren brachten de teelt naar Azië en naar India.
Arabieren op hun beurt brachten het naar het Midden-Oosten en Noord-Afrika waar het onder de aandacht van de Europeanen kwam tijdens de kruistochten in de 11e eeuw.

Toen de Spanjaarden en Portugezen handelsondernemingen begonnen in landen aan de Atlantische Oceaan, plantten zij suikerriet op de Canarische Eilanden en de Azoren.


In 1493 bracht Christopher Columbus suikerriet stekken naar de Canarische Eilanden, en op zijn tweede reis naar Amerika nam hij ze mee naar Hispaniola, het eiland in het Caribisch gebied dat nu wordt gedeeld door Haïti en de Dominicaanse Republiek.


Portugese ontdekkingsreizigers deden al snel hetzelfde in Brazilië.

Het Caribisch gebied bleek een ideaal klimaat voor het verbouwen van suikerriet te hebben, en de productie van suiker verspreidde zich snel rond de eilanden. De onverzadigbare vraag in Europa voor suiker leidde al snel tot de oprichting van honderden suikerriet plantages en molens in de verschillende Engelse, Spaanse, Franse, Portugese en Nederlandse koloniën.
Deze molens verpletteren het geoogste suikerriet en haalden het sap eruit.
Ze kookten en verkregen zo brokken gekristalliseerde suiker.
Het resterende ongebruikte sap werd Melazas genoemd, afkomstig van "miel"het Spaanse woord voor honing.
in het Engels werd dit dan melasse genoemd.

Melasse is een kleverige stroop, die nog een aanzienlijke hoeveelheid suiker bevat.
Suikerriet molenaars ontdekten al snel dat als de melasse werd gemengd met water en in de zon zou laten gisten dat het een erg lekker drankje werd.


In de jaren 1650 werd voormalig afvalproduct gedistilleerd tot een lekker alcoholisch drankje.
In het Engels koloniën heette het Kill Devil of Rumbullion (herkomst onzeker maar waarschijnlijk een verbastering van rebellion), die door de jaren heen werd ingekort tot onze hedendaagse naam "Rum".
De Fransen noemden het Rhum, terwijl de Spaanse het Ron noemen.

 

Lokaal werd Rum gebruikt als wondermiddel voor de vele pijntjes die de inwoners hadden in de tropische gebieden.
Suikerriet plantage eigenaren verkochten ook, tegen gereduceerde prijzen, Rum aan marine schepen die waren gestationeerd in het Caribisch gebied, om de plunderende piraten te ontmoedigen.


De Britse marine gaven hun matrozen en soldaten een dagelijks rantsoen van een half-pint Rum tot 1730.
Dit rantsoen werd vervolgens gewijzigd door het te mengen met een gelijke hoeveelheid water om een drank genaamd "Grog" te produceren. Het rantsoen grog bleef in de Britse marine tot 1970!

Deze marine Rum verbinding introduceerde de Rum met de buitenwereld en in de late 17e eeuw werd hierin een bloeiende exporthandel ontwikkeld.
De Britse eilanden verscheepten de Rum naar Groot-Brittannië en de Britse koloniën in Noord-Amerika, waar het zeer populair werd.


Deze export van Rum naar Noord-Amerika, in ruil voor New England hout en gedroogde kabeljauw (nog steeds een culinair gerecht in het Caribisch gebied) ging al snel over naar de export van melasse aan distilleerderijen in New England.
Dit werd gedaan om wetten uit het Britse parlementte omzeilen, die de Britse distilleerders beschermden door het verbieden van de handel in gedistilleerde dranken rechtstreeks tussen kolonies te voorkomen. Deze wet was, dit was natuurlijk niet echt leuk en smokkel vierde al snel hoogtij.

 

Om op de vrachtkosten van melasse te besparen werd er een bijzondere nare manier gevonden, de zogenaamde slaven driehoek.
De eerste etappe was de overbrenging van de melasse naar New England om Rum te maken. De tweede etappe was de verzending van Rum naar de havens van West-Afrika en deze te ruilen voor slaven. De laatste etappe was de passage van de slavenschepen naar de suikerrietplantages van het Caribisch gebied en Zuid-Amerika waar veel van de slaven aan het werk gezet werden in de suikerriet velden.

 

De Amerikaanse Revolutie en de opkomst van de whisky productie in Noord-Amerika heeft geleid tot de langzame daling van Rum dominantie als de Amerikaanse nationale drank.
De Rum productie nam in de 19e eeuw langzaam af in de Verenigde Staten. Door het drooglegging in 1920 verdwenen zelfs de laatste distilleerderijen in New England Rum distilleerderijen.
De beroemde rumrunners in dat tijdperk smokkelden voornamelijk whisky.

Door de uitvinding van suiker extractie uit de suikerbiet in Europa verminderde de vraag naar Caribische suiker, hierdoor verminderde ook de hoeveelheid melasse die werd geproduceerd en werd er dus ook minder Rum gedistilleerd. Veel kleine suikerriet plantages werden gesloten.


Rumproductie verdween, voor het grootste deel, naar landen waar suikerriet werd geteeld.

 

Heden ten dagen danken wij de Rum verspreiding voor een groot deel aan toerisme en een paar slimme bedrijven zoals Bacardi en Diageo.

 

Rum is op dit moment de snelst groeiende sterke drank in Europa.
Dankzij internet, vakanties en diverse promoties is Rum ook erg geliefd onder de diverse whisky, cognac en armagnac drinkers. Rum is niet meer alleen voor in de cola of cocktail maar door de vele soorten en rijpingen is Rum ook puur erg lekker.